Column Trouw, 22 april

Over mij

“Hoe vind jij het gaan?” vraagt de mevrouw die ons helpt bij het proces.
Na drie maanden zitten we hier weer. In die tijd is er veel gebeurd, maar we zijn nu tenminste weer op een punt dat we af en toe met het gezin eten en samen een wijntje drinken. Een voorzichtig contact. Méér dan alleen die autocue voor gescheiden ouders.
“Ik weet het niet,” zeg ik. “Vraag eerst maar aan hem.”
Ex vindt het best oké gaan zo, het is kalmer, hij heeft een plek om te wonen die voorlopig best oké is. Het schema waaraan we ons houden is prettig.
“En jij?” vraagt ze.
Ik wil geen spelbreker zijn. Ik wil dat het ook oké gaat. Het gáát ook best oké. Ik vind het fijn dat we weer samen kunnen zijn. Het is beter dan niks. Al slaap ik daarna een paar nachten nauwelijks. Al vraag ik me om 10 uur ’s ochtends af:  ‘Is het al tijd voor wijn?’
Ik begin over onze andere tijdsbeleving. Of: een verschillende manier van denken. Dat dát het misschien is. Ex denkt lineair. Eerst was er dit, toen dat, nu zijn we uit elkaar. En mijn denken is lemniscatisch. Het één sluit voor mij het ander nooit uit. Bij ‘ik wil je niet’ hoort ook ‘ik wil je wel.’ Een ex is tegelijkertijd een geliefde. Verleden, heden toekomst. Het bestaat voor mij állemaal. Altijd.  Dwars door elkaar heen.
Die ex die hier naast me zit, – meteen is er het moment waarop we deze ruitjesblouse kochten – is ook gewoon de man waarop ik ooit verliefd werd en de man die niet-, maar ook wél mij houdt, met wie ik alles deel en tezelfdertijd niets. En hoe langer we dan thuis aan onze eettafel zitten, met onze meisjes, hoe meer ex naar de achtergrond verdwijnt en man naar voren komt. Mijn man. Ons gezin. Daar ís het allemaal weer! Hoera!
Terwijl ex zo dus helemaal niet denkt. Nee. Na een tijdje vertrekt hij toch echt. Lineair, zeg maar. Van hier naar daar. We houden elkaar even vast in het halletje en foetsie is-ie.
De mevrouw zegt dat het misschien ook té veel door elkaar heen kan lopen. De tijden, de rollen. Ze denkt dat meer afstand voor ons beiden belangrijk is.
“Wat heb jíj nu nodig?” vraagt ze. “Nee, dit gaat niet over je gezin, niet over je ex,  maar over jou.”



4 reacties op “Column Trouw, 22 april”

  1. Lieke zegt:

    goh, wat prachtig beschreven, nooit geweten dat ik ook zo denk. En die vraag:’wat wil jij nu eigenlijk’, ik ben zo benieuwd of je daarop kunt antwoorden…..heel veel sterkte weer, ik beleef zo jouw leven mee….

  2. R2 zegt:

    drinken = verdringen, en als dat om 10 uur moet, dan moet het om 10 uur!!

    Ik put zelf veel inspiratie, troost en wijsheid uit je verhalen. Zelfde leeftijd, zelfde dochters, zelfde schoolkeuzestress gehad in Amsterdam vorige maand, zelfde heel veel …. Een mix van Alanis Morissette en Faithless helpt 🙂

    Je doet het goed, verkoop je huis, hug de meiden en neem een wijntje om 10 uur, doe ik het ook, cheers!!

    (hierna bouwen we wijndrinken weer af naar de namiddag :))

  3. Simone zegt:

    Beste Elke, door het lezen van je columns in De Trouw, die ik van de buurvrouw krijg, ‘zit’ ik nu op jouw website.
    Je schrijft naar mijn mening goed, ongekunsteld en je draait niet om de brij heen. En je bent geen klager. Wat je schrijft komt bij de lezer binnen. Graag wil ik je ook een hart onder de riem steken. Ooit las ik ‘rouwen is de tol die je betaalt voor de band die je hebt opgebouwd’. Misschien kun je er iets mee Elke.
    Het gaat slijten! Heus. Ik blijf je lezen.
    Toitoitoi,
    Simone

  4. toke zegt:

    Vandaag was ik de krantenachterstand aan het inhalen en las een stukje van jou over de scheiding: “ontsnappen’ Je vond het woord ‘ex’ zo’n lelijk woord. Dat vind ik ook. ik heb ergens een nieuw woord opgepikt, wat mij goed bevalt: ‘exgenoot’ . in mijn oren klinkt het minder hard en minder ordinair dan ‘ex’.
    Sterkte met alles!

Geef een reactie