Column, Trouw 21 januari

Ontsnappen

Man is nu helemaal uit ons straatbeeld verdwenen, dus leek het mij goed hem alvast uit mijn taalgebruik te verwijderen. In den beginne was er tenslotte het woord. Eerst tracht ik mij van hem los te schrijven, dan volgt de werkelijkheid vanzelf. Voortaan zou ik hem op deze plek ex gaan noemen in plaats van man. Maar bij het idee alleen al, sprongen deze week de tranen steeds in mijn ogen. Ik vind ex ook gewoon een lelijk woord. Het heeft iets afstandelijks.
Terwijl ik me nog zo goed herinner dat ik een man had, die heel dichtbij was. Dat ik een man had die ‘s avonds een kruikje voor me maakte, dat ik een man had die gewoon naast me lag in bed, en die – als ik nog niet thuis was – hoopte dat ik snel thuis zou komen.  Zodat we bij konden kletsen.
Ik herinner me nu ook wel dat ik een man had die me zachtjes van zich afduwde toen ik tegen hem aan kwam liggen. Dat ik een man die begon te zuchten en te steunen als ik met hem wilde praten, een man die ’s avonds puur uit vriendelijkheid nog een wijntje met me dronk.
Ja, ik herinner me heus wel dat ik een man had die ineens liever niets meer met me wilde delen, behalve de kinderen. Omdat we daar niet aan ontsnappen, natuurlijk.
Ergens aan ontsnappen was onze specialiteit. Wij kwamen altijd overal weg.
Ik had een man die al onze ontsnappingen regelde, – daar kon ik van op aan – en ik speelde dan de rol van zieke vrouw.
Ik weet nog hoe we ooit, op een stampvolle Spaanse camping, ver na middernacht, we lagen al in onze slaapzak, besloten onze tent alsnog af te breken en hoe hij met de gevleugelde woorden ‘My wife is ill’ onze paspoorten weer terugkreeg. Ik zie mij weer licht kwijlend naast hem in die auto hangen, totdat de rood-witte slagbomen – speciaal voor ons – omhooggingen. Omhoog!  Het onbeschrijflijke gevoel van vrijheid dat ons toen overviel. Al konden we op dat tijdstip nergens meer naartoe.
Maar we hoeven niet ergens samen aan te ontsnappen deze keer. Hij wil alléén ontsnappen. Aan mij nog wel. Niks ‘My wife is ill.’ Niks ‘My wife.’
En ik moet nu óók alleen ontsnappen. Aan hem nog wel. Toch vind ik ex nog niet het goede woord.



2 reacties op “Column, Trouw 21 januari”

  1. Nelleke van Zessen schreef:

    Ik krijg de indruk dat jullie de behoefte te ontsnappen lange tijd deelden. Dat hij (man) er echt heel goed in is, bij het bladeren in je blog stuitte ik op een stukje waarbij jullie een school moeten kiezen voor je dochter: “Op mijn rode hakken liep ik het gebouw in. Naast mijn jarige, in het nieuw gestoken, man. (Die als kind vier keer zèlf besloot van basisschool te veranderen omdat hij er ongelukkig werd.” (22 april 2009). En nog steeds: “verliet hij op een oktoberavond plotseling ons huis. Met z’n zwarte rugzakje rénde hij haast de straat uit, de donkerte in. Alsof hij geen andere keuze had.” (2 januari 2017). En dat jij – ondanks de aantrekkelijkheid ervan – niet meer wilt ontsnappen. Dat ademt voor mij door je schrijven heen ..
    Ik denk: erbij (kunnen) blijven is de grootste vrijheid, althans dat heb ik met de gróótste pijn en moeite toch echt zo ervaren.
    Op deze plek nog eens: bedankt. Er gaat zoveel kracht uit van wat en hoe je schrijft, het is zo ontzettend NIET vrijblijvend! is eigenlijk heel erg niet-ontsnappen, maar direct,confronterend en op een of andere manier begrijpt mijn hart dat het beste, is dat troost.

  2. elke geurts schreef:

    Wat mooi gezegd, Nelleke. Dank je. Zoiets is het voor mij wel.

Geef een reactie