Het is goed

We slapen. Het hele huis slaapt. Man, Jeetje, Deetje. In onze eigen kamers. Ik lig op mijn buik, armen en benen wijd. Dan gaat de deur van de logeerkamer open. Voetstappen op de gang. Hij gaat even naar de wc. Ik slaap gelukkig al heel lang en diep, onpeilbaar diep. Helemaal onder zeil ben ik. Schoon in het hoofd. Schoon lijf. Eerst gesport. Ik ben lekker op tijd naar bed gegaan omdat ik morgen – nu ik dit opschrijf vandaag – naar het boekenbal ga. Hij ging nog even het café in met een buurman. Ik heb hem een half uur geleden niet horen thuiskomen. Ik heb zijn naam niet zachtjes gezegd. Ik sliep. Het is goed. Gisteren heb ik een mooi vloerkleed aangeschaft. De bank op een andere plek gezet. Een huiselijk hoekje gecreëerd. Een grote bos bloemen op tafel gezet. Het is lang geleden dat het er beneden zo gezellig uitzag. Ik mag tevreden zijn. De wc wordt doorgetrokken. Zijn voeten op de oude houten gymzaalvloer. Naar links of naar rechts? … Dan wordt de deur van de logeerkamer weer dichtgetrokken. Die moet ook goed dichtzitten, dat moet, anders komen de katten binnen. Het is goed. Zo komen we allemaal aan onze welverdiende nachtrust toe. En aan onze ontspanning. Het is zo, het hoort erbij. Het is alleen mijn hart, alsof ik net heb hardgelopen.



Geef een reactie