Alleen

Ik had precies één uur om alleen te zijn. Het uur voordat man en Jeetje terugkwamen van zwemles en Deetje wakker zou worden, dat uur bracht ik door op de wc. Daar las ik een mijn mail waarin iemand me schreef dat het zo fantastisch was om helemaal alleen in een huisje te zitten. Dat kon ik me heel goed voorstellen. Helemaal alleen in een toilethokje was al zo heerlijk.
Ik heb de gewoonte van man overgenomen om op het toilet rustig te mailen, twitteren of te facebooken. Op een dag dacht ik; wat blijft die man eigenlijk altijd lang wèg. Hij moet wel heel harde drollen hebben. Toen ontdekte ik het. Nu doe ik het ook als de kinderen druk zijn en dat zijn ze eigenlijk altijd. Omdat ze levendig zijn en constant bezig. Om beurten zitten man en ik daar. Maar zelfs als er niemand thuis is, houd ik die gewoonte.
In de wc viel mijn oog op de cover van de Groene over vrouwen met humor en macht en dat die combinatie moeilijk was. Ik dacht: wat gek, ik ben toch een heel humoristische machtige vrouw. Ook dacht ik: ik moet nu maar eens een keer in therapie. De zaterdageditie van NRC en Volkskrant lagen naast me, de kranten moesten binnen dat ene uur gelezen worden, ik wilde de column afmaken die ik voor de Brug schrijf en nog aan m’n boek schrijven (maar dat wil ik altijd of altijd niet), vakantie Suriname opzoeken op internet, terwijl ik eigenlijk naar Brazilië wil om schoonmaker Fabio te gaan zoeken. Toen werd er ‘mama?’ gezegd. ‘Waar ben je?’



Geef een reactie