Die Mia

We drinken een kopje thee bij ons. We praten over haar verjaardagsfeestje gisteravond, of het nog heel laat is geworden, en de gasten. We bespreken Mia van veertig die absoluut niets met kinderen heeft.
‘Ik snap wel dat ze geen kinderen wil,’ mompelt de hoogzwangere buurvrouw.
‘Als je zo kijkt, is er ook niks aan,’ zegt man.
‘Nee, inderdaad,’ zucht ik.
We kijken onze (mooi opgeruimde) woonkamer rond, waar alle kisten met speelgoed in een mum van tijd zijn omgekeerd, de bank tot een hut is omgetoverd, Jeetje met haar tekengerei op de grond ligt te tekenen. De penetrante lucht van uitwerpselen. De kleinste heeft een doordrenkte luier – tot op zijn ruggetje – al de tweede binnen een uur. De oudste is bezig op het toilet te poepen, met de deur wagenwijd open. ‘Ik wil nu kleien!’ roept Jeetje.
‘Nogal logisch wil Mia niet,’ gaat man door. ‘Mia ziet alleen maar vermoeide gezichten om zich heen. Iedereen moet vroeg naar huis na een etentje, want ’s ochtends om 6 uur begint het feest weer. De krant lezen noemt men een verworvenheid. Nee, Mia lijkt het geen verrijking. Mia is niet gek.’



Geef een reactie